Nieuwe Rome V-criteria voor PDS: wat betekenen darmklachten tijdens het afvallen?
Buikpijn, een opgeblazen buik, verstopping, diarree en wisselende ontlasting komen regelmatig voor bij mensen die proberen af te vallen. Vaak wordt direct gedacht dat een bepaald voedingsmiddel niet wordt verdragen. Brood, zuivel, koolhydraten, gluten of zoetstoffen krijgen dan al snel de schuld.
Maar darmklachten kunnen ook passen bij het prikkelbaredarmsyndroom, meestal afgekort tot PDS. In 2026 zijn de internationale criteria voor het vaststellen van PDS aangepast. Deze nieuwe Rome V-criteria maken het mogelijk om PDS ook te herkennen bij mensen die minder vaak buikpijn hebben dan volgens de vorige criteria noodzakelijk was.
Wat is er precies veranderd? Wat hebben darmklachten met voeding en afvallen te maken? En wanneer is het verstandig om naar de huisarts te gaan?
Wat is het prikkelbaredarmsyndroom?
Bij het prikkelbaredarmsyndroom werken de darmen anders dan normaal, zonder dat er altijd een zichtbare beschadiging of ontsteking wordt gevonden. De klachten ontstaan waarschijnlijk door een combinatie van factoren, zoals:
- een veranderde beweging van de darmen;
- een verhoogde gevoeligheid van de darmwand;
- veranderingen in de darmbacteriën;
- voeding;
- spanning en stress;
- de manier waarop de hersenen en darmen signalen aan elkaar doorgeven.
Daarom wordt PDS tegenwoordig ingedeeld bij de zogenoemde aandoeningen van de darm-herseninteractie. Dat betekent niet dat de klachten “tussen de oren” zitten. De pijn, diarree, verstopping en opgeblazen buik zijn werkelijk aanwezig. Wel kunnen stress, emoties, slaap en spanning invloed hebben op de gevoeligheid en beweging van de darmen.
Veelvoorkomende klachten bij PDS zijn:
- terugkerende buikpijn of een onaangenaam gevoel in de buik;
- een opgeblazen gevoel;
- veel winden;
- diarree;
- verstopping;
- afwisselend diarree en verstopping;
- verandering van de vorm of frequentie van de ontlasting;
- het gevoel dat de ontlasting niet volledig komt;
- klachten die na een maaltijd erger worden.
PDS kan heel vervelend zijn en de kwaliteit van leven behoorlijk beïnvloeden. Volgens Thuisarts is PDS op zichzelf niet gevaarlijk, maar andere oorzaken van darmklachten moeten soms wel worden uitgesloten.
Wat zijn de Rome-criteria?
De Rome-criteria zijn internationale afspraken waarmee artsen en onderzoekers aandoeningen van de darm-herseninteractie kunnen herkennen en indelen. Ze beschrijven onder andere:
- welke klachten aanwezig moeten zijn;
- hoe vaak deze klachten voorkomen;
- hoelang iemand er al last van heeft;
- hoe buikklachten samenhangen met de ontlasting.
De criteria zijn geen eenvoudige zelftest waarmee iemand zelf de diagnose PDS kan stellen. Een arts kijkt ook naar het totale klachtenbeeld, de medische voorgeschiedenis, medicijngebruik en mogelijke alarmsignalen.
De Rome V-criteria zijn in 2026 gepubliceerd en volgen de Rome IV-criteria uit 2016 op. Aan de ontwikkeling werkten meer dan 140 deskundigen uit 27 landen mee. De nieuwe editie besteedt meer aandacht aan voeding, het darmmilieu, de darm-herseninteractie en de persoonlijke ervaring van de patiënt. Dat blijkt uit de wetenschappelijke publicatie over het Rome V-proces.
Wat is er bij Rome V veranderd?
Een belangrijke verandering is dat de drempel voor buikpijn of buikongemak is verlaagd.
Volgens Rome IV moest iemand gedurende de voorafgaande drie maanden gemiddeld minimaal één dag per week buikpijn hebben. Bij Rome V gaat het om buikpijn of buikongemak gedurende gemiddeld minimaal drie dagen per maand in de afgelopen drie maanden.
Daarbij moeten de klachten samenhangen met de stoelgang, bijvoorbeeld met:
- het poepen zelf;
- een verandering in hoe vaak iemand poept;
- een verandering in de vorm of het uiterlijk van de ontlasting.
Rome V brengt bovendien het begrip ongemak weer terug. Bij Rome IV stond vooral buikpijn centraal. In de praktijk ervaren sommige mensen echter vooral druk, spanning of een vervelend opgeblazen gevoel, zonder dat zij dit duidelijk als pijn omschrijven.
De veranderingen worden beschreven door de Rome Foundation en in de wetenschappelijke publicatie over de vernieuwde Rome V-darmaandoeningen.
Betekent dit dat ineens meer mensen PDS hebben?
De nieuwe criteria betekenen niet dat er plotseling meer mensen ziek zijn geworden. De definitie is aangepast, waardoor mensen met minder vaak voorkomende maar wel terugkerende klachten eerder binnen de PDS-criteria kunnen vallen.
In een Brits onderzoek onder 1.275 mensen met zelfgerapporteerde PDS voldeed:
- 59 procent aan de Rome IV-criteria;
- 70 procent aan de Rome V-criteria.
De mensen die alleen volgens Rome V binnen de diagnose vielen, hadden gemiddeld mildere klachten en een betere kwaliteit van leven dan de groep die aan de strengere Rome IV-criteria voldeed. De nieuwe criteria lijken dus vooral een groep zichtbaar te maken die eerder buiten de officiële PDS-definitie viel. Dat betekent nog niet dat iedere persoon met af en toe buikpijn PDS heeft. De klachten moeten een herkenbaar en terugkerend patroon vormen. Bekijk het onderzoek via PubMed.
Hebben PDS en overgewicht met elkaar te maken?
PDS is geen afslankziekte en wordt niet uitsluitend veroorzaakt door overgewicht. Mensen met een gezond gewicht, ondergewicht of overgewicht kunnen allemaal PDS krijgen.
Er kan wel een indirect verband bestaan. Mensen met overgewicht kunnen bijvoorbeeld anders eten, minder bewegen, bepaalde medicijnen gebruiken of vaker last hebben van reflux en andere spijsverteringsklachten. Omgekeerd kunnen hevige darmklachten ertoe leiden dat iemand minder gevarieerd gaat eten of beweging gaat vermijden.
Een opgeblazen buik wordt bovendien regelmatig verward met buikvet. Dat zijn twee verschillende zaken.
Buikvet ontstaat doordat het lichaam langdurig meer energie binnenkrijgt dan het verbruikt. Een opgeblazen buik kan tijdelijk ontstaan door gasvorming, vocht, verstopping of de hoeveelheid voedsel in de darmen.
Door een opgeblazen buik kan kleding strakker zitten en kan het gewicht tijdelijk iets schommelen. Dat betekent niet dat er in één dag vet is bijgekomen. Voor de vorming of afbraak van lichaamsvet is een langere verandering in de energiebalans nodig.
Kunnen darmklachten ontstaan tijdens het afvallen?
Ja. Wanneer iemand zijn voedingspatroon plotseling verandert, kunnen de darmen daarop reageren. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren wanneer iemand ineens:
- veel meer groenten, fruit of volkorenproducten eet;
- meer peulvruchten gaat gebruiken;
- extra vezels of vezelsupplementen neemt;
- veel eiwitrijke producten gaat eten;
- minder vet eet;
- maaltijdvervangers gebruikt;
- producten met zoetstoffen neemt;
- grotere hoeveelheden light-frisdrank drinkt;
- maaltijden overslaat of onregelmatig eet;
- afslankmedicatie gebruikt.
Vezels zijn belangrijk voor de gezondheid, maar een plotselinge sterke verhoging kan tijdelijk gasvorming, krampen en een opgeblazen gevoel veroorzaken. Het is daarom meestal verstandiger om de hoeveelheid vezels geleidelijk te verhogen en voldoende te drinken.
Ook sommige zoetstoffen kunnen darmklachten geven. Vooral grotere hoeveelheden polyolen, zoals sorbitol, mannitol, maltitol en xylitol, kunnen bij daarvoor gevoelige mensen diarree, gasvorming en buikpijn veroorzaken.
Wie afslankmedicatie gebruikt, kan eveneens last krijgen van misselijkheid, verstopping, diarree of buikpijn. Bespreek ernstige of aanhoudende klachten altijd met de voorschrijvende arts. Verander de dosering niet op eigen initiatief.
Afvallen geneest PDS niet automatisch
Een gezonder gewicht kan veel gezondheidsvoordelen hebben. Het kan onder andere helpen bij diabetes type 2, hoge bloeddruk, slaapapneu, gewrichtsbelasting en leververvetting. Maar gewichtsverlies is geen gegarandeerde behandeling voor PDS.
Bij sommige mensen verminderen de darmklachten wanneer zij regelmatiger en gezonder gaan eten, meer bewegen en minder sterk bewerkte producten gebruiken. Bij anderen blijven de klachten bestaan, ook nadat zij zijn afgevallen.
Het doel moet daarom niet alleen zijn om minder calorieën te eten. Het voedingspatroon moet ook:
- voldoende voedingsstoffen leveren;
- genoeg eiwitten bevatten;
- voldoende vezels leveren;
- passen bij de persoonlijke darmklachten;
- praktisch vol te houden zijn;
- geen onnodige angst voor eten veroorzaken.
Een extreem of zeer eenzijdig afslankdieet kan de klachten juist verergeren.
Is een FODMAP-arm dieet geschikt om af te vallen?
Het FODMAP-dieet wordt regelmatig genoemd bij PDS. FODMAP’s zijn bepaalde koolhydraten die in de dunne darm niet altijd volledig worden opgenomen. In de dikke darm kunnen ze worden gefermenteerd, waardoor gas en extra vocht ontstaan. Bij mensen met gevoelige darmen kan dit klachten veroorzaken.
Een tijdelijk FODMAP-arm dieet kan bij een deel van de mensen met PDS de klachten verminderen. Het dieet is echter niet bedoeld als afslankdieet.
Tijdens de eerste fase worden verschillende voedingsmiddelen tijdelijk beperkt. Daarna moeten producten stap voor stap opnieuw worden getest. Het uiteindelijke doel is een zo ruim en gevarieerd mogelijk voedingspatroon waarbij alleen de persoonlijk problematische hoeveelheden of voedingsmiddelen worden beperkt.
Wie zonder begeleiding langdurig allerlei producten weglaat, loopt risico op:
- een eenzijdig voedingspatroon;
- te weinig vezels;
- tekorten aan voedingsstoffen;
- onnodige angst voor bepaalde voedingsmiddelen;
- een ongunstige verandering van de darmbacteriën;
- een dieet dat sociaal moeilijk vol te houden is.
Thuisarts adviseert daarom om het FODMAP-dieet alleen onder begeleiding van een hiervoor opgeleide diëtist te volgen.
Gluten, lactose of toch PDS?
Mensen met darmklachten denken vaak dat zij niet tegen gluten of zuivel kunnen. Soms is dat inderdaad het geval, maar niet altijd.
Klachten na zuivel kunnen bijvoorbeeld passen bij lactose-intolerantie. Klachten na brood kunnen te maken hebben met tarwe, fructanen, de hoeveelheid vezels of een andere bestanddeel van de maaltijd. Bij coeliakie veroorzaakt gluten een afweerreactie en schade aan de dunne darm. Dat is iets anders dan PDS.
Begin niet op eigen initiatief met een strikt glutenvrij dieet voordat coeliakie is onderzocht. Wanneer iemand al langere tijd glutenvrij eet, kan onderzoek naar coeliakie minder betrouwbaar worden.
Een voedings- en klachtendagboek kan helpen. Noteer gedurende één of twee weken:
- wat je eet en drinkt;
- het tijdstip van de maaltijd;
- de hoeveelheid;
- buikpijn of een opgeblazen gevoel;
- diarree of verstopping;
- stress en spanning;
- beweging;
- slaap;
- eventueel gebruikte medicijnen.
Zo wordt duidelijker of klachten steeds na hetzelfde voedingsmiddel ontstaan of dat ook portiegrootte, stress, onregelmatig eten of andere factoren een rol spelen.
Praktische aanpak bij darmklachten tijdens het afvallen
Heb je tijdens het afvallen regelmatig darmklachten? Verander dan niet alles tegelijk. Kies voor een rustige, stapsgewijze aanpak.
1. Eet regelmatig
Een regelmatig eetpatroon kan de darmen meer rust geven. Grote hoeveelheden eten na langdurig vasten kunnen bij gevoelige darmen juist extra klachten veroorzaken.
2. Verhoog vezels geleidelijk
Ga niet van de ene op de andere dag enorme hoeveelheden rauwkost, volkorenproducten en peulvruchten eten. Bouw dit rustig op en kijk hoe je lichaam reageert.
3. Drink voldoende
Bij meer vezels hoort voldoende vocht. Te weinig drinken kan verstopping verergeren.
4. Kijk naar de totale maaltijd
Het is niet altijd één voedingsmiddel dat klachten geeft. Een grote, vette of zeer vezelrijke maaltijd kan meer klachten veroorzaken dan een kleinere portie van hetzelfde product.
5. Beweeg dagelijks
Bewegen ondersteunt niet alleen het afvallen, maar kan ook de darmbeweging stimuleren en helpen bij stress. Wandelen is al een goede en laagdrempelige keuze.
6. Let op zoetstoffen en afslankproducten
Controleer bij repen, shakes, suikervrije snoepjes en lightproducten of ze polyolen bevatten. Een product zonder suiker is niet automatisch vriendelijk voor gevoelige darmen.
7. Vermijd onnodig strenge diëten
Schrap niet tegelijk gluten, lactose, fruit, peulvruchten en koolhydraten. Daardoor wordt het vrijwel onmogelijk om te ontdekken waar de klachten werkelijk door ontstaan.
8. Vraag deskundige begeleiding
Een diëtist met ervaring in PDS kan helpen om klachten te verminderen zonder dat het voedingspatroon onnodig beperkt wordt. Dat is vooral belangrijk wanneer je tegelijkertijd wilt afvallen.
Wanneer moet je naar de huisarts?
Terugkerende buikklachten zijn niet automatisch PDS. Neem contact op met de huisarts wanneer je:
- onbedoeld gewicht verliest;
- bloed bij de ontlasting ziet;
- zwarte ontlasting hebt;
- koorts krijgt;
- aanhoudend ernstige buikpijn hebt;
- ’s nachts wakker wordt van diarree of pijn;
- langdurig diarree hebt;
- steeds moet overgeven;
- opvallend moe of bleek wordt;
- een duidelijke en blijvende verandering in het ontlastingspatroon merkt;
- voor het eerst op latere leeftijd dergelijke klachten krijgt;
- darmkanker, coeliakie of een chronische darmontsteking in de familie hebt.
Vooral afvallen zonder dat je daarvoor moeite doet is iets anders dan bewust en gecontroleerd gewichtsverlies. Onbedoeld gewichtsverlies in combinatie met darmklachten moet medisch worden onderzocht.
Wat betekenen de nieuwe Rome V-criteria in de praktijk?
De nieuwe criteria kunnen ervoor zorgen dat mensen met terugkerende darmklachten eerder worden herkend, ook wanneer zij niet iedere week duidelijke buikpijn hebben. Dat kan een opluchting zijn voor mensen die al lange tijd met klachten rondlopen maar eerder niet binnen de officiële PDS-definitie vielen.
Tegelijkertijd blijven de Rome V-criteria een hulpmiddel. Ze vervangen geen medisch onderzoek en betekenen niet dat iedere opgeblazen buik of verandering van de ontlasting PDS is.
Voor mensen die willen afvallen is vooral dit belangrijk: probeer darmklachten niet op te lossen met steeds strengere diëten. Zoek eerst uit wat er werkelijk speelt. Een voedingspatroon kan alleen succesvol zijn wanneer het niet alleen tot gewichtsverlies leidt, maar ook voldoende voedingsstoffen bevat, de darmgezondheid ondersteunt en langdurig vol te houden is.
Conclusie
De Rome V-criteria verruimen de herkenning van het prikkelbaredarmsyndroom. Buikpijn of buikongemak hoeft niet meer gemiddeld iedere week aanwezig te zijn; gemiddeld drie dagen per maand gedurende de afgelopen drie maanden kan onder voorwaarden al binnen de criteria passen.
Dat betekent niet dat iedereen met af en toe buikpijn PDS heeft. De samenhang met de ontlasting, het verloop van de klachten en het ontbreken van alarmsignalen blijven belangrijk.
PDS is bovendien geen afslankprobleem. Een opgeblazen buik is niet hetzelfde als buikvet en een FODMAP-arm dieet is geen methode om gewicht te verliezen. Wie darmklachten heeft en tegelijkertijd wil afvallen, doet er verstandig aan rustig te werk te gaan, niet onnodig veel voedingsmiddelen te schrappen en bij aanhoudende klachten de huisarts of een gespecialiseerde diëtist te raadplegen.
Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen persoonlijk medisch advies. Bij ernstige, nieuwe of aanhoudende klachten is beoordeling door een arts belangrijk.
